Twee geschiedenislagen
Je kunt bij een onderneming twee geschiedenislagen onderkennen.
De eerste is die van de primaire dienstverlening, de tweede is die
van het ondersteunende werk. Bij Bartele hebben we op een bijzondere
manier kennisgemaakt met deze tweede laag. In eerste instantie omdat
wij met Bartele I doelbewust in 1999 kozen voor een opzet waarbij
je niet 8 a 9 babys (afhankelijk van de leeftijd) of 14 peuters
in een ruimte plaatst met 2 leidsters. Uitgangspunt voor ons was
dat we wilden werken met kleinere groepen. Een leidster staat dan
weliswaar vaker alleen, maar wel met een veel kleinere groep. Hierdoor
wordt de ruimte wat rustiger zodat de kinderen zich ook prettiger
voelen en daarmee ook de leidster. Dit leidde voor de inspectie
soms wel tot complicaties, want de landelijke normen gingen standaard
uit van een groep van 9 a 14 kinderen waarbij er 2 leidsters zijn.
Toekomst van Bartele Kinderdagverblijven
Een bijzondere ervaring met het opzetten van een bedrijf is dat
je goed kan merken wat een bepaalde grootte van een bedrijf van
je vraagt. Interessant om te zien hieraan is dat we kunnen merken
dat we weliswaar wel wat groter zijn als een kinderdagverblijf dat
steunt op de schouders van een persoon, maar dat je met twee kinderdagverblijven
beperkte specialisatiemogelijkheden hebt. Bartele heeft een periode
gekend dat we het idee hadden teveel geleefd te worden door allerlei
regels en ontwikkelingen rondom Bartele en in de samenleving. Met
een verbeterde opzet vanaf begin 2005 (met vestigingsmanagers/hoofdleidsters
die ook op de groep staan) hebben we deze ontwikkeling gekeerd.
Bartele is echter een open einde onderneming. Afhankelijk van verschillende
factoren gaat Bartele in de toekomst wellicht nog een derde vestiging
openen.
Pedagogische identiteit van Bartele
Bartele heeft bij aanvang haar sympathisering met Gordon, Reggio Emilia en de Vrije School
pedagogie uitgesproken. Dit betekent echter niet dat Bartele een door en door reggio of vrije schools kinderdagverblijf
is. Dat is een keuze van Bartele die ons wat anders maakt als anders.
Een aantal ouders kiezen dan ook exclusief voor Bartele om haar
pedagogische identiteit, dat kan dus ook soms tot teleurstellingen leiden.
Ons uitgangspunt blijft dat wij in eerste instantie uitgaan van
de kwaliteiten van de leidsters, daarop selecteren we hen. Wel wordt
er van leidster een openheid en interesse in de pedagogische achtergronden
gevraagd. Om daar vervolgens mee verder te kunnen werken. Feit blijft wel dat
als je de vrije schoolpedagogie in een 4tal kernwaarden conform
een dominant mensbeeld in de vrije schoolpedagogie samenvat je dan
komt op basiswaarden die niet rieken naar dogmatisme of onaards
idealisme: 1. Dagritme, kinderen vinden het heerlijk om in een veilig
en duidelijk dagritme te kunnen spelen en leven. 2. Activiteitenritme,
netzoals met dagritme maar echter gericht op de activiteit is het
voor kinderen prettig om afwisselend actief en passief bezig te
zijn. Samen even rollebollen is prima maar daarna ook weer gezellig
een boekje (voor)lezen of een andere rustige bezigheid. 3. Bewust zijn van de werking van voorbeelden. Alles
wat een kind ontmoet heeft voorbeeld werking. Kinderen nemen alles
in zich op, ook als ze het nog niet begrijpen. Alle taal die kinderen
dan ook ervaren heeft invloed op hun hersenontwikkeling. Bewustzijn
hiervan leidt tot een meer met bewustzijn gedragen handelen met
kinderen, alhoewel niet geforceerd want dan is het leven eruit.
4. Een kind benaderen en respecteren als een eigen uniek wordend
wezen. Hoezeer je ook gelooft in mensen als een product van nature
(natuur)en nurture (opvoeding), het is cruciaal voor de capaciteitsontwikkeling
van kinderen en mensen dat ze zich als een geheel eigen wezen gekend
voelen en worden. Vanuit dit perspectief zijn afwijkingen van een
standaard ontwikkeling niet per definitie slecht, maar soms ook
onderdeel van een eigen ontwikkelingspad.
|
Samenwerken in een cooperatie
Als je onderneemt in de kinderopvang ontmoet je vroeg of laat ook andere ondernemers in de kinderopvang. Onze ervaring heeft geleerd dat het voor ondernemers heerlijk is om ervaringen uit te wisselen, zoals bijv. over de omgang met ziekteverzuim en regelgeving. Naast het feest van herkenning biedt dit ook interessante kennisdelingsperspectieven om tot een betere dienstverlening te komen. Daarom hebben wij besloten tot de ontwikkeling van een Cooperatie Dienstverlening Kinderopvang, CDK. Bartele heeft daartoe het initiatief genomen. Ondersteund vanuit de Verenigde Bijzondere Scholen, houder van het Kenniscentrum voor Cooperaties in het onderwijs, is Bartele met een aantal kinderdagverblijven bezig om CDK verder vorm te geven. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft dit intiatief, onder projectleiding van de VBS, beloond met een subsidie in 2006. Meer info hierover kunt u lezen op www.sameninkinderopvang.nl.
Een tweede vestiging
In 2001 groeide de behoefte aan een tweede vestiging, mede door diverse ouders die hierom vroegen. Bij Bartele II zijn we natuurlijk
op basis van de ervaringen met Bartele I en de mogelijkheden van
de gevonden locatie weer iets anders te werk gegaan. De lokatie
van Bartele II is eind 2001 gevonden op basis waarvan de eerste
processen zijn opgestart voor de diverse vereiste vergunningen.
Ook bij de bouwvergunningverlening ging het niet van een leien dakje.
Zouden we deze vergunning eerst per 1 juni kunnen ontvangen, door
allerlei omstandigheden en vertragingen ontvingen we deze pas in
november 2002.
Opzet Bartele II
Bartele II bestaat uit 2 vleugels op de begande grond ter rechterzijde
en ter linkerzijde. Beide bestaan weer uit twee ruimtes die als
een ruimte zijn te zien maar ook van elkaar afsluitbaar zijn. Tezamen
met het creeeren van hoekjes voor kinderen op diverse manieren is
zo bereikt dat er voor kinderen een gedifferentieerde ruimte is
ontstaan die kindveilig is. In deze ruimtes kan aan de ene kant 9 kinderen spelen, aan de andere kant 14 peuters. Voor meer vormgevingsaspecten.
Professionalisering Bartele
Nu Bartele een bedrijf is met twee vestigingen wordt de behoefte
aan een duidelijker professionele ontwikkeling inzake het pedagogisch
handelen groter. Daarom wordt naast het standaard pedagogisch beleidsplan
per vestiging gewerkt aan een specifiek pedagogisch jaarplan. Zo
kunnen de eigen talenten en interesses beter tot hun recht komen.
Want kinderen merken het wanneer leidsters vanuit hun talenten en
interesses bloeien in hun vak!
Ook merken we dat we met meer protocollen gaan werken. Dingen die
eerst vanzelfsprekend waren in kleine kring kun je zo doorgeven
aan een grotere kring waarbij je tegelijk nog eens kijkt of er binnen
de kinderopvang nog betere oplossingen voor gevonden zijn.
Een ander bijzonder aspect van professionalisering is de ontdekkingstrocht
omtrent voor wat voor leidsters Bartele een goede plek is. De invloed
die je binnen een klein kinderdagverblijf op je omgeving hebt is
groot, waardoor je als leidster enerzijds meer dingen naast elkaar
moet kunnen doen, anderzijds hier ook niet te gestressed van moet
raken. Voordeel is wel dat als het echt bij je past je je eerder
mede-eigenaar kunt voelen van het gedeelte waar jij over gaat.
|