Ontwikkelingen en uitdagingen
Bartele is leuk voor kinderen. Volwassenen vinden Bartele soms
wat klein, maar voor mij biedt Bartele allerlei mogelijkheden. De
medewerkers zeggen niet constant nee tegen mij maar bieden me wel
structuur. In Bartele zijn allerlei hoeken waar je kan spelen of
jezelf kunt terugtrekken.

Wat zo leuk is aan Bartele is dat medewerkers zo blij verrast zijn
als ik iets apart zeg of doe. Het is echter gelukkig niet op het
overdrevene af, want dan zou ik me ook wel eens verlegen voelen.
Mensen hechten hier waarde aan mij als kind. Ze proberen te begrijpen
wat ik wil, ook al lukt het mij niet altijd te zeggen wat ik wil.
Als ik Bartele verlaat krijg ik echter een mooie map mee, dat noemen ze portfolio, met
allerlei dingen die ik gemaakt heb.
Op Bartele hebben ze allerlei soorten speelgoed. Het is echter
gelukkig niet overdone, want dan weet ik niet meer zo goed wat ik
nou leuk vind om op dat moment mee te spelen. We gaan zeer regelmatig, gewoon dagelijks zelfs,
naar buiten, zowel in onze eigen tuin als naar het park met een
mooie bolderkar. Dat is zo leuk met elkaar dan!
Bij iedere leidster kan ik weer andere dingen van mezelf ontwikkelen.
De ene stimuleert me om te zingen, de ander om te vertrouwen in
mezelf of juist de omgeving en weer een ander om bepaalde dingen
te durven bij het spelen.
|
Veiligheid en geborgenheid
Bartele erkent mijn behoefte aan ritme. Het vaste ritme van de
dag geeft mij een houvast, een vertrouwen in de dag en mezelf en
daarmee een veilig gevoel. Mijn vertering werkt dan ook beter en
ik kan dan ook beter slapen omdat dat toch eenmaal zo gaat.
Het prettigste van Bartele is natuurlijk de lieve leidsters. Het
lijkt alsof dat het huismerk van Bartele is, de liefde voor mij
en m'n vriendjes en vriendinnetjes. Ze zeggen dan ook dat dat het
eerste selectiecriterium is om te kunnen werken op Bartele. Ook
de invalleidsters bestaan uit een relatief vaste groep van mensen, zodat
ik niet al te vaak weer met een nieuwe invalleidster moet kennismaken.
Het lukt mij niet altijd aan het vaste dagritme te wennen. Vaak
geef ik echter mijn koppigheid op als ik andere kindjes zie slapen
of eten omdat ik begrijp dat ik een beetje vreemd doe als ik niet
slaap of eet.

Bartele werkt ook met inbakeren bij sommige kinderen. Uiteraard dienen mijn ouders hier
geen bezwaar tegen te hebben. Inbakeren houdt in dat ik wordt ingewikkeld
in een doek zodat ik tijdens het slapen niet bewegen kan. Hierdoor
wordt je als het ware gedwongen je over te geven. Na enig verzet
lukt mij dat dan ook en slaap ik meestal lange tijd achtereen. Misschien
is dit ook extra prettig in deze tijd van vele prikkels uit de stadse
informatiesamenleving.
|